Change of Plans*

Zoals je kon lezen heeft het goede nieuws me wat overvallen. Ik had niet verwacht dat 4 van 9 herbergen mogelijkheden zien en 2 van de 9 zelfs direct iemand zoeken. Daarom liep ik ook met het idee om op die kans in te gaan en de terugreis te annuleren. Ter plaatse te wachten tot ik kon beginnen.

Maar … zoals je al uit de titel kunt afleiden, verliep niet alles volgens plan. Mijn plan werd zelfs fameus gedwarsboomd.

De eigenares had namelijk slecht nieuws. Ik kon niet langer blijven. Ze had niets aan te merken op mijn werk. Was erg tevreden, behalve dan dat ik een babbelaar was. Maar … er was gewoon niet genoeg werk. De herberg zou sowieso al sluiten in midweeks vanaf november. En behalve de Paddywaggon -vloot die nu en dan wat brood op de plank bracht, waren er maar weinig zielen die naar het kleine stadje Ennis afzakten. Nu ook die busreizen minder en minder volzaten, kon ik me onmogelijk een paar uur per dag bezig houden. Ik was de enige die permanent in de herberg verbleef. Ik was dus diegene waarvoor de verwarming moest aanblijven en de verlichting. Dus werd beslist om de overeenkomst vroegtijdig te beëindigen of zoiets. Ze vertelde dit na het ontbijt dus besliste ik om meteen te vertrekken zodanig dat ik op tijd op mijn nieuwe bestemming kon geraken.

Ik pakte alles in en gaf mijn sleutel af aan de receptie. Ze verontschuldigde zich nogmaals voor de omstandigheden. Maar goed, ik had tijdens het inpakken de herbergier uit Clifden gebeld en hij wou me gerust een paar dagen onderdak verschaffen, tot het weekend.

Ik stapte de herberg uit en liep de kilometer naar het station. Het was opmerkelijk kalmer dan de vorige keer, toen ik midden in de nacht, door de uitgaansjeugd moest. De shoppers die nu mijn pad kruisten gingen iets vlotter opzij. Ik weet niet waarom maar ik wou persé de trein nemen naar Galway. Ik kocht mijn ticketje aan de automaat tot ik een uurrooster in mijn handen nam. Damn … treinen zijn nog minder goed geregeld dan bussen. Treinen oostwaarts, naar Dublin dus, is geen probleem, die rijden frequent. Maar eentje die naar het zuiden moet is een ander paar mouwen. Ik wachtte dus meer dan een uur op mijn eerste trein die overigens meer kostte dan een busticket. Intussen zag ik 2 bussen met mijn bestemming het station uitrijden. Oh, Life and Learn dacht ik.

Ik stapte de trein op die redelijk leeg het station uitreed. Dat gezien zijn regelmaat en vooral kostprijs te verwachten was. Ik had veel plaats om mijn bagage uit te stallen. Na een goed uur kwam ik aan op mijn bestemming. Een klein stukje lopen naar het nieuwe busstation en na een halfuur zag ik al op de bus naar Clifden. Weeral dat prachtig landschap. Ook voor de derde keer op korte tijd was het adembenemend. De herbergier heette me welkom en wees me een rustige kamer aan zodat ik mijn reis verder kon plannen.

Very good news indeed, sir

De volgende morgen stond ik op, at mijn boterhammekes met choco en jam en spoelde alles door met een verse kop thee. Begaf me toen naar de desk en nam mijn gebruikelijk papiertje in ontvangst met de reeds uitgecheckte kamers en gasten die zouden moeten uitchecken maar nog niet uit hun bed raakten. Het was een korte lijst, alhoewel de Poolse garde niet present was, was alles redelijk snel geklaard. In één kamer had een gast gepoogd zijn tanden te poetsen met minder goed resultaat. Het mikken bleek maar niet te lukken en de ganse lavabo zat onder de tandpasta. Het was al redelijk goed vastgekleefd en kwam niet los met een gewoon handdoekje. Dan maar laten tot het laatst. Er was zelfs tijd om de niet-uitgecheckte kant van het lijstje onder handen te nemen. Ook dat bleek erg vlot te gaan. Tot ik aan het eind van mijn taak kwam en in de keuken een heet bakje thee ingoot. De Ierse collega was er en ik vertelde haar van het tandpastadebacle dat ik zo dadelijk zou opkuisen. “Calm down, boy” temperde ze mijn werkdrift en zou me zo dadelijk een handje helpen. Intussen begon ik een praatje terwijl ze de keuken wat op orde bracht. De eigenares kwam in de keuken gesneld en vroeg ik klaar was. Zo goed als vertelde ik haar en toen zei ze nog iets waar ik eerlijk gezegd niet zoveel van kon maken. Ik keek even richting mijn collega en ze deed gewoon verder. Een tiental minuten later kwam de eigenares terug en vroeg me nogmaals of ik gedaan had. Ja dus en ze vertelde me dat ik mijn collega niet zo mocht bezig houden. Oeps, was uiteraard de bedoeling niet. Ik wachtte gewoon op haar hulp. OK, dan niet …
Ik vroeg haar even later of ik wat kon vragen over mijn toekomst. Waarschijnlijk voelde ze de bui al hangen en maakte zich klaar voor een verontschuldiging. Ik vroeg inderdaad of er in de toekomst een vacature zou vrijkomen. Ze vertelde me dat ze niet echt een jobopening had en gedurende de winter enkel zou openhouden gedurende de weekends en ik dus onmogelijk kon blijven. Betreffende de verwarming en lichten suste ze me. Ik begreep het probleem en overlegde waar ik meer mogelijkheden had. Ze bevestigde dat de meeste herbergen in afgelegen plaatsen of kleinere plaatsen te weinig gasten ontvangen gedurende deze periode en er veel wegvallen. Ze duwde me in de richting van grote steden: Galway, Cork en uiteraard Dublin. Deze hadden het ganse jaar door een vaste stroom toeristen. Ik trok naar mijn kamer en sleepte mijn laptop naar de lobby waar ik een goed WIFI signaal vind. Ik bereidde een prospectie voor naar Galway en nam me voor om de 9 herbergen van Galway met een bezoekje te verblijden.

Ik kopieerde alle adressen naar mijn PDA en klapte mijn laptop dicht. Ik legde alles terug in mijn kamer en liep nog even via de receptie om te informeren of er “special deals for jobseekers” te vinden zijn in Ierland. Een vriendin van de eigenares grapte dat die net meer moeten betalen… en keek me vragend aan. Ik legde snel uit dat via de VDAB een werkzoekende een 1-euro treinticket kan bekomen … wat loopwerk, maar wel goedkoop. Nope, zover was de Ierse sociale zekerheid nog niet gevorderd.

Ik trok naar het station, kocht een return naar Galway en stapte de bus in. Intussen kende ik de stops die de bus maakte zo goed als vanbuiten. Na een goed uur stond ik midden in het bruisende centrum van Galway. Ik nam mijn PDA uit mijn zak en probeerde de route uit te stippelen wat de dichtstbijzijnde herberg leek.

Aan de overkant van het station vond ik al een eerste opportuniteit.
Ik belde aan, de deur zoemde open en ik liep de trap op. Aan de receptie deed ik mijn verhaal. “Ik werk nu in een herberg in Ennis, maar deze sluit volgende maand. Heeft u een plaats waar ik aan de slag kan vanaf december?” Hij verontschuldigde zich dat er geen plaats beschikbaar was en wees op het feit dat het een redelijk kleine herberg was. Geen nood zei ik en liep de trap terug af.

De volgende herberg was ietsje verder gelegen om de hoek. Weeral een klim van enkele etages voor ik aan de receptie kwam. Ik was hier 4 jaar geleden geweest, wist dus dat deze groter was. Ik deed mijn verhaal aan de receptioniste en ze vroeg me even te wachten. Even later kwam de eigenares even piepen en vertelde me dat er binnenkort een half-time zou vrijkomen. Klonk interesant. Ik gaf haar mijn CV, maar toen de fax niet wou kopieren, vroeg ze me het document door te mailen. OK, als finale vraag vroeg ik of de mogelijk bestond dat ik inwoonde, dit was helaas niet mogelijk voor een langere termijn.

Ik liep verder naar de volgende herberg. Er was op dit ogenblik geen vacature open, maar dit kon snel veranderen dus raden ze me aan mijn CV door te mailen, dan is die alvast “on file”. Just for the record, vroeg ik of ik indien er een job open zou komen, in kon wonen. Dit bleek mogelijk te zijn, er zou wel een oplossing gevonden kunnen worden … great!

Iets verderop lag een andere grote herberg. Geen jobs nu … maar binnen 2 weken kon het een heel andere situatie zijn. Dus ook hier werd ik aangeraden mijn CV in de digitale bus te werpen.

De volgende herberg was iets verder. Het was een klein plaatsje. Ik deed mijn verhaal en nu bleek dat ze iemand zochten die midden november kon beginnen. Damn, dat was nu iets te vroeg. Ik wou mijn CV opsturen, maar toen ze hoorde dat ik pas ten vroegste in december aan de slag kon, deinsde ze wat terug. Ik kreeg toch haar e-mail, al stond dat ook op de website.

Iets verderop was een herberg te koop, die valt dus al weg …

Nu was er een heel tijdje niets meer en laveerde door de steeds drukker wordende straatjes en steegjes. Ik liep een oude bekende herberg in. Ik had er 2keer verbleven tijdens mijn trip een 4-tal jaar geleden. Aan de voordeur ging “Full Time Receptionist Wanted”. Dit zou gemakkelijk zijn. Opnieuw bleek dat ik al snel aan de slag moest. Ik gaf mijn CV af en vulde het document aan met mijn nieuw verworven Ierse nummers. Op de vraag of het mogelijk zou zijn om in te wonen. Kreeg ik een antwoord in de orde van “Nope, It can’t be done and I tried it”. Wat cryptisch maar daar moest ik het mee doen. Ik zag een advertentie aan een prikbord hangen van 2 Australische vriendinnen die 10 dagen door Ierland trokken en er gedurende die tijd gratis in herbergen moesten zien te overnachten. De herberg had hun een gratis bed beloofd als ze een weddenschap konden waarmaken. Er werd hen gevraagd om 10 mensen vanop de straat de Ketshup Song te laten dansen. Die mensen bleken snel gevonden en ze haalden hun slag thuis. Ik wou hierop een grapje maken die het niet-kunnen in vraag zou stellen, maar liet de kans varen.

De laatste herberg was moeilijker te vinden. Uiteindelijk toch gevonden maar het bleek alles behalve een goed adres. Nogal dodgy en net die herberg zocht freenighters. Er was geen bel, dus klopte ik maar op de deur. Geen antwoord … nog één keer en toen ging ik weg. Ik zag een vrouw de deur van buitenaf openen en ging terug. Bent u de eigenaar … neen, ze woonde er enkel naast. Ze raadde me eigenlijk aan om de andere herberg op te zoeken … meer kans. OK, forget it.

Ik had een hele hoop goed nieuws te verwerken. Het zag er, tegen alle verwachtingen in, erg hoopvol uit. Ik at nog iets voor ik op de bus stapte en even later liep ik de herberg binnen. Nog wat ontspannen en toen naar bed.

What a night!

Het vervolg heeft even op zich laten wachten, maar ik had het namelijk druk de laatste tijd. Tenslotte is het ook zo dat de feiten hier beschreven zich in feite al 14 dagen eerder afspeelden. Een blog bijhouden blijkt arbeidsintensiever dan ik dacht en dit werd nog bemoeilijkt door nogal wat wijzigingen in mijn reisplannen.

Maar zoals beloofd … het vervolg 🙂

Ik liep met een smile de straat over. Dit kan te wijten zijn aan de alcohol die avond gebruikt of de indruk die de 3 Ierse dames me na lieten.

Toen ik de herberg binnenstapte wachtte de herbergier me al op. Ik vertelde hem over de avond en hij vertelde me dat hij er geen probleem van maakt als ik terug zou gaan naar de pub maar dat hij eten had staan in z’n oven. Ik weigerde hem alleen te laten omwille van het gesprek dat hij wou voeren over z’n website.

Hij inviteerde me dan bij hem thuis, enkele huizen van de herberg verwijderd. Hij bood me een pizza aan en een glas wijn. Alhoewel ik enkele uren al had gegeten werd de pizza erg gesmaakt. Iets minder het glas wijn, maar ik had nu eenmaal opgetrokken in juni met een wijnkenner, die mijn standaard wat ophoog had geschroefd.

Ik had hem al eerder verteld over mijn passie “CouchSurfing” en hij bleek interesse te wekken omdat hij geregeld leden over de vloer had die hun reservatie lieten afhangen van een couch in Clifden. Ik legde hem vlug even de basisprincipes uit en hij kon zich wel vinden in het idee. Algauw begonnen de verhalen te komen. Ik logde in in mijn profiel en liet hem wat scrollen op de lange pagina. Hij was versteld van de overvloed van informatie die op mijn profiel prijkte en al gauw had hij mijn referenties gevonden. Bij elke tekst hoorde uiteraard een korte uitleg en hij hield mijn keel gesmeerd door op miraculeuze wijze het volume in het glas nooit tot op de bodem te laten komen. Ik had een pakje TUC koekjes kunnen kopen en deelde dit met mijn gulle gastheer. Het gesprek bleef gaande tot in de vroege uurtjes en ik schijn me te herinneren dat ik het korte wijzertje voorbij de 3 zag gaan. Ik begon moe te worden, nam afscheid en sloop de trap op.

De volgende morgen met kleine oogjes begaf ik me naar de keuken om een verse mok instant koffie. Het smaakte me eerlijk gezegd niet, maar het kopje had wel het beoogde effect. Mijn vermoeidheid werd minder voelbaar al maakte ik elders in mijn hoofd een licht gezoem gewaar. Een gast bood me een pijnstiller aan maar ik wilde voor deze dreiging volledig op sapjes vertrouwen.

Ik zocht de lokale tea-room op die Iers ontbijt serveerde. Ik bestelde een light menu. Dat er eigenlijk op neer komt dat de bangers en chips worden weggelaten. Ik vroeg in plaats van een morningtea een appelsapje. Het ganse gerecht smaakte me al had mijn maag daar iets meer moeite mee.

Ik ging terug naar de herberg en hij vertelde me te gaan kijken naar de “Sky Road“. De volledige weg afleggen was te ver, maar er waren enkele mooie panoramapunten en route. Een steile helling leidde naar een monument en hiervandaan had ik een prachtig zicht op het stadje en z’n baai. Met wat bemodderde schoenen liep ik de heuvel terug af. Ging nog snel wat drank kopen voor mijn 3 uur durende rit terug naar Ennis.

Ik ging wat buiten zitten bij de eigenaar tot de bus kwam. Toen het uur bijna geslagen had, nam ik afscheid, dankte hem voor de uitbundige ontvangst en trok naar de bushalte.

De busrit was even prachtig als de heenrit en algauw stond ik terug in Galway. Ik wachtte wat op mijn aansluiting en propte me in de bus naar Cork. De bus passeerde de luchthaven van Shannon en er waren blijkbaar veel gegadigden voor een vlucht. De zitplaats was krap, maar na een goed uur ontplooide ik mijn benen en liep het kleine stukje terug naar de herberg.

Ik groette de eigenares en na te hebben vastgesteld dat de sleutelkaart diende geheractiveerd te worden begon mijn avondeten te bereiden. Moe en voldaan ging ik slapen. Ik keek terug op een zeer geslaagde uitstap.

Clifden, here I come …

De volgende dag trok ik naar het busstation en na een kleine 2u stond ik in Galway. Nu leek de stad plots zo groot en onaantrekkelijk. Wat een contrast met 4 jaar geleden, toen ik vergeleek met Dublin City. Een klein halfuurtje later, had ik mijn verbinding naar Clifden te pakken. Toen de bus eenmaal “An Lar” (het centrum) had verlaten, begon een prachtigeten tocht. In het begin was het landschap nog redelijk vruchtbaar. Het typische zicht met de weilanden vol koeien en vooral … veel schapen. Na Oughterard te zijn gepasseerd verdorde het landschap aanzienlijk. De bergketens kwamen opzetten en ook een paar regenwolkjes. Een regenboog tekende zich zeer mooi af tegen een bergflank. Ja, dit was een prima welkom in het Wilde Westen van Ierland. Ik stapte uit de bus en nam mijn GPS ter hand om het adres op te zoeken. Main Street bleek simpel te zijn en na een paar seconden viel mijn oog op het reclamebord dat tegen een muur geplakt hing. Ik stapte binnen en na even te wachten tot er geen gasten meer in de inkom waren heette hij me welkom. Hij vertelde er ook bij dat ik dit aanbieding niet te luid mag zeggen. Er waren natuurlijk anderen die wel betaalden voor hun verblijf. Hij bood geen WIFI aan maar, kon me … in even gedempte stem … wel vertellen wat de code was van het netwerk van de buurman. Hij vertelde me toen dat hij even ging rusten, maar me met veel plezier te woord zou staan om 22u.

Na een korte wandeltocht naar de jachthaven, met onderweg prachtige vista over de baai van Clifden, vond ik het tijd om de innerlijke mens te spijzen. Ik ging voor de gelegenheid eens voor pubgrub, tot mijn genoegen stelde ik vast dat er die avond een Tradnight was gepland. Eerst een voorgerechtje dan een goeie hoofdmaaltijd, uiteraard vergezeld van een stevige Guinness. Daarna een dessertje. “Fatal Chocolate Cake” … vond de naam wel mooi klinken, ik grapte dat ze de strecher al mochten klaarzetten. Al had ik achteraf gezien beter wat gewacht, want net op dat moment kwamen 3 Ierse schonen binnen met een heel gevolg instrumenten in hun kielzog. Toen ik mijn fatale dosis chocolade naar binnen werkte, begonnen ze wat tunes te spelen. Het klonk allemaal erg melodeus, dus verhuisde ik me, met mijn inmiddels 2de Guinness, naar een vakante barkruk. Na hiervan ook de bodem te onthullen, opgezweept door een stevige deuntje, liep ik de bar af naar een bier dat ik nog niet had geproeft. Het liep allemaal vlot binnen toen een oudere man naast me een praatje begon te maken. Ik deed mijn plannen uit de doeken en hij kreeg in de gaten dat ik de muziekkanten wel aardig vond. Toen haalde hij enkel attributen uit zijn tas en begon naarstig te knutselen met een kadertje. Na enkele minuten gaf hij me een A5-kadertje met een, naar zijn oordeel gepaste tekst, “Bugger OffI’m Horny! Not Desperate!”. Hij toonde enkele andere kaartjes, indien het me niet zou aanstaan, maar na zijn collectie te hebben bekeken leek dit me de geschiktste. Daarvoor kom ik nu naar Ierland sie … die gevatte en rechtdoorzee techniek van de Ier. Ik nam het dankbaar in ontvangst en zette het naast me neer, ondoordacht in het gezichtveld van de muzikale dames. Na een korte pauze werden de instrumenten gewisseld, eigenlijk was het resultaat nu nog mooier, althans zo klonk het toch. Ik stelde vast dat de dames al bijna een vol uur zonder drank voor hun zaten en vergewiste me dat ze wel degelijk werden verzorgt. Ik vroeg of ik hun een drankje kon aanbieden. Dit was echter niet nodig want een van de dames verzekerde me met “We got taken care of” dat alles in orde was. Al stelde ze het gebaar erg op prijs. Al grappend voegde ze eraan toe “but I would like to have a chocolate with that …”. Ik had me geen beter antwoord kunnen dromen. Ik speelde hierop in met … “If I only knew this before I left home … I am from Belgium, you know …”. Er volgde een brede glimlach op de drie dames hun gezicht en ze vatten de muziek terug aan. Ik ging terug op mijn barstoel zitten, genietend van de muziek maar vooral van mijn gevatte opmerking. In een pauze liet ik me van mijn kruk glijden met mijn notitieboekje in de hand. Ik scheurde het laatste papiertje uit het boekje met mijn nummers erop. Ik legden hun uit welk nummer wanneer te gebruiken. Toen was het tijd voor een volgend muzikaal nummertje. Halverwege het nummer zag ik de tijd wegtikken naar 22u en wou afscheid nemen van de man naast me toen ook hij me zijn contactinformatie gaf, hij bleek van Sligo afkomstig te zijn. Ik sloop terug naar de dames en leende het briefje even om mijn nummers te kennen. Net toen ik het cafe uitstapte schreef ik nog snel “For Beer, Chocolates and Waffles” en mijn naam op de achterzijde van het papiertje. Het papiertje deed al snel de ronde tussen de dames. Net toen ze een nieuw nummer wilden inzetten, sliep ik richting deur. De muziek verstomde even en ik kreeg “See you next time, Brex” na geroepen. Mijn avond was geslaagd. Al moest de apotheose nog komen …

The PaddyWagon Adventure

Die middag was er een hele buslading gelost, dat betekende dus dat ik de volgende dag gegarandeerd de housekeeping-ploeg mag vergezelen.

Inderdaad … de volgende dag werd de volledige PaddyWaggon groep, 150 in totaal, terug op de bus gezet. Ik werd gevraagd om te strippen. De bedden te ontdoen van slopen en de dekbedden mooi te stapelen. Met mijn loper-kaart in de linkerhand en de lijst van reeds uitgescheckte gasten in de rechterhand, of vice versa, zo precies weet ik het ook niet meer.

Nu en dan vond ik een klein souveniertje … een lege fles wijn, een leeg karton fruitsap, zelfs een ongeopende fles kriekbier. Nee, geen Mort Subite, maar een of ander sterk gesuikerde Ierse cider, een brood, komkommers, een pot pindakaas. Kortom een ganse kruidenierswinkel … Toen ik een andere kamerdeur openzwaaide vond ik naast een bedpoot een stapeltje geld, koper, maar toch van enige waarde. Alles eindigde in de koelkast of in de tips-jar.

Na mijn shift, die ietsje langer duurde dan verwacht. Trok ik met mijn blauwe map naar het werkloosheidsbureau. Ik trok een nummertje zoals me de vorige dag was gevraagd. Slechts 5 wachtenden voor me (het stond zelfs op het ticket …) In werkelijkheid was er slechts 1, want de overige 4 waren spoorloos. Toen mijn nummer op het scherm verscheen repte ik me naar loket 1. Daar werd me gevraagd om te verhuizen naar loket 3 (de afspraak-balie). Ik schoof het bewijs onder het raam en na opnieuw een korte uitleg te hebben verschaft werd me een formulier terug geschoven. Enkele termen waren Double Dutch voor me, dus was het mijn beurt om haar uitleg te vragen. Ik kreeg dus “Jobseekers Benefits” in België, leuk om te weten. Na wat controlewerk werd me nog een prettige dag gewenst. Toen ik terug de herberg binnenliep, wisten ze me te vertellen dat het formulier doorgaans een week op zich laat wachten.

Ik was intussen aan het denken hoe ik binnen een maand terug naar België wou raken, tenslotte hoe vroeger ik boekte hoe meer voordeel ik kon rapen. Terug zoals ik was gekomen bleek nu veel moeilijker te zijn dan ik had gedacht. Ik kon de tickets wel boeken, maar afhalen lukte niet niet. Aangezien er geen National Rail kaartautomaten buiten de UK staan en opsturen was enkel mogelijk naar een adres in de UK. De ferry apart boeken lukte wel en de trein in principe ook, maar opnieuw stootte ik op een probleem. Fishguard is een klein stationnetje en beschikt niet over enige faciliteiten. Ten vroegste kon ik dus aan mijn kaarten geraken in Cardiff … dat toch zeker een uur sporen verwijderd was van de haven. Toen kwam het in me op om “gewoon” mijn bagage in de herberg te laten en het vliegtuig te nemen. Tenslotte voelde ik me er prima in mijn element. De eigenares vond het geen probleem dus ging ik aan het plannen. Al gauw bleken de vluchten van Ryanair net iets te vroeg voor een busverbinding. Zelfs Aer Lingus kon geen verbetering bieden. Alleen de vlucht in de middag was doenbaar vanuit Ennis. De Eurostar was ook voor een spotprijsje te boeken … nu althans toch nog … want ik zag bijna in realtime de prijzen stijgen. Al gauw had ik mijn ganse reisroute uitgestippeld.

De volgende dag nogmaals bedden helpen opmaken. Ik had de knepen nu al zowat door dus ging het allemaal iets vlotter en kreeg ik minder commentaar in het Pools al was Agneta zo vriendelijk me de Engelse vertaling erbij te geven.

Die middag vertelde ik de eigenares over die gratis nacht die ik had aangeboden gekregen in Clifden, County Galway. Ze vertelde me dat ik gerust de volgende dag 2 dagen verlof mocht nemen, het was immers rustig dat weekend. Ik mailde de Clifden-man en na een tijdje had ik antwoord. Ik boekte mijn bustickets en liet ze uitprinten voor mijn 10% korting.

Nu ik toch op dreef ben … waarom geen vervolg hé 🙂

De volgende morgen voelde me ik al een pak meer uitgeslapen.

Ik stond vroeg op en zat al om 8u aan de ontbijttafel. Het duurde echter tot 10u eer de herbergierster me kwam vragen of ik wat wou tuinieren. Tuurlijk.

Al gauw werd ik voorgesteld aan de klusjesman die me, in een typisch West-Iers accent, een rondleiding gaf: waar ik het tuingereedschap kon vinden onder andere. Hij nam zelfs de tijd om de oude herberg te tonen.

Al gauw stond ik met mijn kruiwagentje en mijn schopje te wroeten in de, laten we eerlijk zijn, verwilderde perkjes. Na bijna 2 uur had ik een kruiwagen vol groenafval vergaard. Ik dumpte die in de tuin van de oude herberg. Liep terug naar binnen en dat was dus mijn eerste échte werkdag. In de namiddag liep ik wat rond in de stad, vooral op zoek naar kaas en choco … en bier, ik blijf tenslotte een Belg 🙂

De volgende dag ploegde ik opnieuw een klein veld om, met opnieuw een kruiwagentje vol afval. In de namiddag had ik voorgenomen het plaatselijke werkloosheidsbureau op te zoeken. Het was een behoorlijk eind stappen, maar uiteindelijk toch gevonden.

Ik liep naar het onthaal en trachtte mijn situatie uit de doeken te doen. Dat ik nu enkel een maand in een Ierse herberg verblijf, niet betaald wordt en om er gratis te verblijven ik wat klusjes moet opknappen. Al snel grapte de ambtenare dat ik gerust ook eens haar huis mocht komen opruimen. Toen kwamen de formaliteiten, kun je bewijzen dat er in die herberg woont … neen dus.

Terug naar af dus …

My first day!

Ik weet … ik een tijdje geen bericht gelaten … tja druk leven hé 🙂

De volgende morgen opende ik mijn ogen iets na 10u. Ik nam een verfrissende douche en hobbelde de trap af. Ik werd verwelkomd door de eigenares. Die me voorstellende aan enkele collega’s. Ze liet me achter bij de koffiemachine. Kon ik wel gebruiken … omdat ik geen plannen had, besliste ik om wat mee te lopen met de huishoudsters.

Na wat uitleg over het recyclageprogramma van de herberg. Liep ik met 2 Poolse en een Ierse dame de trap op, naar de slaapzalen. Ik kreeg een spoedcursus bedden opmaken maar vooral veel gepraat en gekeuvel, het merendeel in het Pools. Daarom ook dat ik me afzonderde met de Ierse. Kon ik tenminste verstaan. Nu en dan stootten we op vreemde objecten die niet direct in een slaapkamer thuishoorden. Al kan een fles wijn of bier wel voor de nodige animo zorgen, maar er waren ook meer opwindendere attributen te vinden. Ik hielp nu en dan wat mee al voelde ik me nog behoorlijk moe.

Na een paar uur zat de shift erop en stelde de Ierse voor om een ritje te maken in the coutryside. Wat kon ik daar nu op tegen hebben. We aten snel nog iets in de stad en toen ook haar wagen had gedronken trokken we enkele wegen in. Allesbehalve wetende waartoe die lijden, het avontuur tegemoet. Nu en dan kwamen we pareltjes tegen. Ruïnes met veelal kerken maar ook een kasteel. We hadden een geanimeerd gesprek op een kerkhof, maar deden ons toch respectvol voor. Ze reed naar een baai en ze trakteerde me op een Guinness. Toen de schemering begon te vallen repten we ons terug naar de stad. Ze zette me netjes af aan de herberg en wenste me een goeieavond.

Na een gezellige avond in een typisch Iers café met de traditionele muziek (hier afgekort tot “trad”) kwam ik de vrouw terug tegen, deze keer vergezeld van haar man. Ik viel bijna om van de vaak, dus leek het me beter om mijn bed op te zoeken.

On the road …

Toen ik *eindelijk* was geland in Charleroi, hoopte ik op een spoedige thuiskomst. Wel … naar Waalse normen, was mijn aankomstuur best nog aanvaardbaar.

Toen alle bagage in de bus zat. Die weeral een halve euro was opgeslagen (nu moest ik al € 2,50 ophoesten). En een “Airport Direct” kun je het echt niet meer noemen. Na het verlaten van de terminal ben je zo goed als op de snelweg. Die nam bus A echter niet … nee, nog even passeren langs het industrieterrein, met verbaasde arbeiders in een wachthokje tot gevolg. Na wat rond te toeren in de ambachtelijke zone van Charleroi, kwam dan de vertrouwde skyline van Charleroi in het oog. En zeggen dat bus A vroeger WEL de snelweg gebruikte. Al is dat gezien de rijstijl van de chaufeurs nu niet echt een voordeel.

Nu hopelijk een goeie aansluiting met de trein. OK, een half uurtje wachten is normaal, voor hen althans. Eigenlijk bizar dat dergelijke luchthavenactiviteit geen betere aansluitingen afdwingt…

Op de trein liep het al niet veel vlotter. De trein had maar liefst 28 minuten, omwille van “spelende kinderen” nabij Nijvel. Was de vorige keer ook, meen ik mij te herinneren. De boodschap was traag rijden, toch stond ons rijtuig een goed kwartier stil. Met de hondenbrigade in het veld als enige afleiding. Oh, ik had een gesprekspartner gevonden in een Vietnamese studente die in Antwerpen studeerde. Ik probeerde haar het culturele aanbod in Vlaanderen wat uit te leggen, maar het liep niet van een leien dakje.

In Brussel was het wachten op een trein die ik dus net gemist had. Dan maar op de IR via Aalst. Intussen zie ik nog wat… Een goeie aansluiting was wel verzekerd in Gent. Nog geen 10 minuutjes later zat ik al in een zetel die me naar Brugge zou brengen.

Aangekomen in Brugge kon ik gelukkig rekenen op een prima taxi-service. Merci pa! Een bordje soep achterover gekapt en een stuutje achter de kiezen gewerkt kon ik onder de wol kruipen.

Ik stuurde de herberg in Ennis een mail dat ik er aankwam. Ik gaf mezelf een week om alle paperassen in orde te brengen die dit met zich meebracht. Kreeg snel antwoord van de herberg, dus ik wist dat ik welkom was. Wat een opluchting 🙂

Ik diende mijn U2 in, om mijn werkloosheidspremie mee te nemen naar het buitenland. Ik kreeg nog wat goeie raad om ter plaatse binnen de 7 dagen me in te schrijven in de lokale instelling verantwoordelijk voor de werkloosheidsuitkeringen. Na 3 dagen kreeg ik een verlossend telefoontje … mijn formulier lag klaar. Het was de ideale dag, woensdag is uitgerekend de dag dat ik mezelf dienstbaar opstel in de Oxfam Solidariteitswinkel in Brugge, een boogscheut van de RVA-kantoren verwijderd. Na mijn papier op te halen, kon ik meteen doorrijden naar Oxfam. Nog steeds probeerden enkele collega’s me ervan te weerhouden om te vertrekken.

Het kon niet baten … ik had intussen al mijn tickets geboekt. Ik besloot om eens niet van de grond te gaan … maar via trein en ferry het groene eiland te betreden.

Het plan was:
de Eurolines bus vanuit Brugge naar Dover om 15u vrijdag 8 oktober.
een taxi nemen naar het station van Dover.
de hogesnelheidstrein naar London. (212 km/h is inderdaad wel behoorlijk snel …)
een kleine wandeling naar het nabijgelegen station voor de aansluiting.
een trein naar Crewe, Chester en dan Holyhead.
de boot op naar Dublin.
de bus op naar het station van Dublin.
de trein naar Limerick en dan aankomen in Ennis om 10u zaterdag de 9de.

De uitvoering leek wat moeilijker …
De bus had wat vertraging, geen nood er is altijd wat ruimte op de overtocht.
Toen de bus echter op de Eurotunnel terminal aankwam bleek dat de bus voor ons een illegale passagier vervoerde. Onder de motorkap nog wel … We waren dus gedoemd om vertraging op te lopen. Gelukkig was de Franse politie nog in staat de paspoortcontrole uit te voeren, bij deze fieldday. Ik schoof aan met mijn kaartje die maar liefst 5 keer mijn foto bevat. Namaak leek me bijna onmogelijk. Toch was ik de enige die na een wel erg grondige studie me even op het bankje mocht zetten. Toen iedereen was gepasseerd, mocht ik ook gaan. We hadden helaas ons timeslot gemist. Halfuurtje later was de bus dan toch geparkeerd op de trein. Toen we uit de terminal van Folkestone reden tikte de tijd weg. Tijdens de rit naar Dover Port kwam de bus voorbij het kruispunt die me naar het station zou leiden. Omdat het bij het aan boord gaan er erg chaotisch aan toe ging, heb ik me beperkt tot “Dover” en niet “Dover Priory Station” als bestemming opgegeven aan de chaufeur. Hij zette mij dus netjes af aan de ferryterminal. Ik stapte binnen en bestelde een drankje om mijn zenuwen wat te kalmeren. Gelukkig bood de keten gratis wifi aan. Snel een mail sturen dus naar de Ierse en Engelse treinbedrijven om mijn tickets terug te vorderen. Een nieuw ticket geboekt voor de volgende morgen. Eigenlijk kwam dit ticket beter uit … ik moest slechts 1 keer overstappen … in London, in plaats van 3. Ook het feit dat ik iets kon zien van het landschap was mooi meegenomen.

Ik nam de bus naar het station en de vriendelijke buschauffeur toonde me waar de meeste B&B te vinden waren. Ik liep naar een huis met zicht op het station en vroeg een kamer. De eigenares was eerlijk genoeg om te zeggen dat ik een 2-persoonskamer moest betrekken er een dus een meerprijs zou gerekend worden, ze liet me zelfs vrij om nog wat rond te kijken. Ik ging hier niet op in en sleurde mijn koffers het stijle trapje op. Ik moest goed slapen, want de volgende morgen moest ik voor 7 uur op de trein naar London zien te raken.

De volgende morgen erg vroeg uit de veren en de HST op naar London. Verbazend snel en luxeus op weg naar de grootstad. Een ochtendwandeling van een goeie halve kilometer in London. Een half uurtje wachten, ideaal voor mijn ontbijt en dan terug op een rechtstreekse Virgin trein. Ik stelde vast dat ik de verkeerde zetel had geboekt. Een stille coupe was leuk, maar een tafeltje met stopcontact had nog leuker geweest. Next time! Na de grote stations te zijn gepasseerd nam de trein wat gas terug. Letterlijk zelfs wat het schakelde over van stroom naar diesel in Crewe. In Wales had ik dus een rookpluim op mijn foto’s weg te werken … Maar het was het ruim waard. De treinrit was adembenemend. In de haven aangekomen, mijn laatste ponden uit mijn portefeuille gehaald en in mijn buik gestoken. Een broodje kon er altijd wel in na 8 uur sporen.
De boot op en 3 uur later kwamen we in de Liffey terecht. Dublin’s industrie zag er niet erg uitnodigend uit, maar ik wist beter. Op de bus stelde ik vast dat dit ritje niet inbegrepen zat in mijn ticket van £ 30. Even moeten zoeken naar de € 2,50 maar ik kon met iemand een briefje van 5 delen. Aangekomen in Dublin Busarás moest ik mijn rit naar Ennis nog zien te verzilveren. Er was binnen 10 minuten een bus naar Limerick, ik had dus niet zoveel tijd te verliezen. De chauffeur wist me te vertellen dat er een mogelijkheid was via de Shannon luchthaven. Ik nam het risico en begon de 4 uur durende rit naar de dichtbijzijnde stad. Aangekomen om 22u, was er tijd voor mijn Ierse pint. Ik was een tijdje het gespreksonderwerp door mijn uit de kluiten gewassen koffer. “You’re moving in, lad?” was de vraag van een van de tooghangers. Ik begon mijn verhaal dat ik in Ennis wou geraken die nacht, maar verloor zijn vertroebelde aandacht al halverwege het verhaal. Na mijn bier(tje) nog een wandelingetje om mijn benen te strekken en dan aan de bushalte op mijn bus wachten die me om 23u naar de luchthaven zou brengen. Mooi op tijd en de chauffeur verzekerde me dat er aansluiting wachtte op de tarmac om middernacht. Inderdaad, er stond een bus te wachten met het verlossende opschrift “ENNIS / INIS“. Ik had maar 5 minuten, dus de plaspauze moest ik kort houden. De chauffeur was klaarblijkelijk blij met z’n laatste rit en duwde het gaspedaal net iets dieper in.

Iets voor 1u stond ik daar dan … in Ennis. Ik nam mijn PDA ter hand en stelde vast dat ik nog een goeie km te voet verder moest. In het begin leek alles stil maar toen ik de hoofdstraat indraaide mocht ik me behendig manoeuvreren tussen de dronken mannen en schaars geklede dames. Toen ik de drukke uitgaansbuurt was uitgelopen doemde een groot, vaal geel geschilderd gebouw op. Dit moest de herberg zijn … Ik had het gehaald! Ik belde aan om door de hek te raken. Niet direct antwoord. Ik riep de hulp in van enkele “blokes” die een drankje aan het nuttigen waren op de bank voor de voordeur. Eén van hen bleek personeel te zijn, dus ik kon me meteen inchecken. Great! Kreeg een bed toegewezen, vroeg nog even naar de eerste taken, die er gelukkig niet waren, en met mijn sleutelkaart in mijn handen sleepte ik mijn bagage de laatste meters de trap op. Ik zette al mijn apparaten onder stroom en legde me toen op mijn bed. Even later was ik al in dromenland.

Hoe het verder gaat? Dat hoor je de volgende keer 🙂

Getting there … almost

Laten we beginnen met een cliché! Waarschijnlijk één van de meest gehoorde Ierse uitdrukking. De Ierse dienst voor Toerisme, alle cafés die, ook al is het wat vergezocht, een Ierse sfeer willen ophangen en dan zijn er altijd nog die weirdo’s waarvan Ierland hun hart heeft gestolen, ze blijven het herhalen hoe gastvrij Ierland wel niet moet zijn: Welk volk heet mensen anders 100 000 maal welkom!

Dus … welkom! Dit slaat niet zozeer op de personen die deze pagina bezoeken, maar veeleer op de sfeer die ik al heb mogen ervaren … nu ik reeds meer dan 24u in de Republic of Ireland (kortweg ROI) doorbreng.

Maar ik vergallopeer mezelf … let’s begin with the beginning!

Het ganse avontuur begon op 19 juli met de komst van Magda Malek. Een Poolse couchsurfster die ik een helpende hand uitreikte. Een heel leuke en aangename dame om mee te praten. En gebabbeld hebben we … over CouchSurfing, over reiservaringen, maar vooral over het dromen van een toekomst. Uiteraard speelde ik al eerder met het idee om iets op te bouwen op het groene eiland, maar zij wakkerde die droom terug een beetje aan. Genoeg om de knoop door te hakken en er werk van te maken!

Ik vatte het idee op om niet te profiteren en dus niet te gaan couchsurfen voor een lange tijd in Ierland. Nee, ik wou me nuttig maken en op die manier mijn slaapplaats verdienen. Vrijwilligerswerk leek de ideale weg om te bewandelen. Ik maakte me dus lid van een website die helpers met gastheren verbond. Ik begon te mailen naar herbergen in Ierland eind juli met de vraag of ze hulp nodig hadden. Echter kreeg geen antwoorden… merkwaardig voor een gastvrij volk om niet terug te mailen. Pas toen ik midden augustus mijn mailbox op SPAM controleerde, zag ik het, een ganse resem mails. De meesten waren gelukkig negatief, maar er zat toch een positieve tussen. Oeps … snel terug gemaild, maar het mocht niet baten. De eigenares had de “vacature” een paar weken opengehouden maar intussen had al een andere vrijwilliger de plaats reeds ingenomen. Geleerd uit dit euvel controleerde ik nu bijna dagelijks mijn SPAM-filter. En het bracht z’n vruchten af: Ik had een plaats in het graafschap Galway! Een week later kreeg ik een mail, met de uitnodiging om naar Cashel in county Tipperary te komen. Ik kende deze herberg uit 2006 toen ik Ierland doorkruiste met de bus. Het had z’n kwaliteiten. De eigenaar belde me zelfs enkele keren om me meer informatie te geven. Meer en meer leek het erop dat ik een lastige keuze zou moeten maken. Ik bevond me nu in een luxe-positie. Ik had enkele aanbiedingen ontvangen en moest daar nu dus de beste uithalen. Niet eenvoudig, dus liet ik de keuze vallen na het bierfestival. Een hoogdag voor elke echte Belg, die houdt van eerlijk en ambachtelijk werk!

Intussen had ik een Internationale SIM-kaart aangeschaft. Niets bijzonder eigenlijk … je bent altijd aan het roamen maar wel tegen voordeligere tarieven en extraatje van deze provider … ik kon er lokale nummers aankoppelen. Dit liet me dus toe om een Belgisch (in de Brugse zone) en een Iers nummer (zone Galway) door te geven aan mijn contactpersonen. Dat zorgde eerst voor wat verwarring: was ik nu al in Ierland of niet? Meer ingrijpender was het opzeggen van heel wat contracten op 1 oktober. Mijn vaste lijn ging de deur uit, net zoals mijn internetverbinding. Maar de grootste stap zette ik door mijn appartement op te zeggen tegen 1 december. “The only way is forward!” was de boodschap.

Op 13 september maakte ik mijn keuze bekend wie ik zou gaan helpen. Ik had nu definitief gekozen voor de herberg uit Tipperary, al hield ik in mijn mails de deur op een kier. Duidelijk niet naar de zin van de “verliezende” partij. De herbergier uit Galway was niet te spreken over mijn keuze. Hij vond het ongepast dat ik hem niet inlichtte over het feit dat er een andere in de running was. Weg was dus de second option … Twee dagen later kreeg ik telefoon op mijn Iers nummer. De Cashelaar (of hoe heten die gasten daar?) vroeg me of ik niet i.p.v. in oktober in november wou beginnen omdat het voor hem beter uitkwam. Ik legde de situatie uit dat ik in november moest verhuizen dus onmogelijk mijn vertrek met een maand kon uitstellen. Ik vroeg op mijn beurt waarom deze datumverschuiving. Toen bleek dat de huidige helpster (die 15 september normaal zou vertrekken omdat ze toen zou beginnen te werken) haar werk na één dag al had verloren en overnight had beslist om tot 1 november te blijven! Niet leuk voor haar, maar nog veel minder goed nieuws voor mij, want dit betekende dat ik nu helemaal niets meer in handen had … Paniek begon wat toe te slaan en ik hervatte mijn zoektocht met een hoger tempo. Ik ging een stap verder en mailde nu ook spontaan naar herbergen, die dus niemand zochten. Heel wat antwoorden … veelal negatief maar ik had toch ook enkele dingen in de wacht gesleept na 1 week intensief zoeken. Ik kreeg één nacht aangeboden in Clifden (zeg maar de hoofdstad van de Connemara regio) maar verder bleef de buit karig. Toen de druivelaar 20 september aanwees begon ik het op mijn heupen te krijgen en besliste om er even tussenuit te trekken. Ik pakte mijn koffer en stapte in de bus naar Londen. Ik was net aangekomen in Aberdeen toen mijn droom uitkwam! Ik had de hoofdprijs te pakken: een prachtig uitgeruste herberg midden in het stadje Ennis (county Clare) die me een maand lang gratis onderdak zou verschaffen voor enkele uurtjes werk per week (in vergelijking zelfs minder dan het aanbod in Tipperary en Galway). Op de koop toe hadden ze vorig jaar zelfs de eerste plaats behaald in de ranking op Hostelworld.com (die zelf ook de nummer 1 is op de herbergboekings-markt). Ik boekte een vlucht huiswaarts na een weekje Schotland. Ik had het ongeluk om de verkeerde dag te kiezen … uitgerekend op die dag besliste de luchtverkeersleiding in België eens een dagje niet naar het werk te komen. Ik was dus gestrand in Edinburgh. Geen nood, ik kreeg een andere vlucht aangeboden, maar dan wel de volgende dag en deze keer vanuit Prestwick. Hoe ik de nacht zou doorbrengen en hoe daar te geraken dat kon ze worst wezen. Tja, het prijsverschil moet hem ergens in zitten, nietwaar? Ik kloeg echter niet, was al heel blij met mijn vervangvlucht.

De voorbereiding kon beginnen … maar daar ga ik nu niet verder op in. Ik wil tenslotte ook nog iets anders doen dan hele dagen op mijn toetsenbordje tokkelen.

Slán!
(Tot ziens!)